Vergoedingen of verstrekkingen mag je lang niet altijd onbelast doen. Vallen de kosten niet onder de intermediaire kosten, gerichte vrijstellingen of nihilwaarderingen, dan is er belasting over verschuldigd. Vaak is het de werkelijke waarde in het economisch verkeer die belast moet worden, maar in sommige gevallen gelden er vaste normbedragen die de werkgever moet toepassen.
In de tabel hieronder zie je een overzicht van de maximaal onbelaste vergoedingen of het bedrag dat je juist moet hanteren voor een vergoeding of verstrekking.
Belaste waarde van maaltijd in bedrijfskantine: € 3,35
Belaste dagwaarde van inwoning en huisvesting op de werkplek: € 5,70
Vrijgestelde vergoeding verhuiskosten: € 7.750
Vrijgestelde vrijwilligersvergoeding per maand: € 180
Vrijgestelde vrijwilligersvergoeding per jaar: € 1.800
Vrijgestelde vergoeding voor ziektekostenregelingen: € 27
Veel normbedragen zijn al jaren onveranderd, zoals de reiskostenvergoeding van € 0,19 per kilometer en de verhuisvergoeding van € 7.750.
Maar andere bedragen zijn sinds 1 januari 2021 geïndexeerd, bijvoorbeeld het normbedrag dat de werkgever moet toepassen voor huisvesting en inwoning en de onbelaste vrijwilligersvergoeding.
De overheid levert in 2021 in op haar inkomsten uit loonheffingen, met als doel om de koopkracht van werkenden daarmee te verbeteren. Als we alleen deze verandering in acht nemen, gaan alle werkenden er per maand gemiddeld op vooruit:
Mensen die een minimumloon verdienen (€1.684,80 bruto), gaan er in 2021 met 1,6% op vooruit, wat neerkomt op zo’n 25 euro per maand.
Een modaal inkomen (uitgaande van €2.278,- bruto) scoort in 2021 nog beter met een stijging van gemiddeld 2%, wat neerkomt op zo’n 45 euro per maand.
En tot slot gaat zelfs de groep die 2x modaal (uitgaande van €5.556,- bruto) verdient erop vooruit, zij zien hun maandelijkse inkomen met 1,4%, neerkomend op zo’n 50 euro, stijgen.
Klinkt als goed nieuws! Maar misschien te goed om waar te zijn? Dat lijkt helaas inderdaad zo te zijn, omdat een andere afdracht, de pensioenpremie, zal stijgen in 2021. Tegenover de stijging van het netto loon staat dat de meeste werknemers meer gaan betalen aan pensioenpremie. In een prognose stelt de ABN AMRO dat de premies in 2021 gemiddeld met zo’n 4% zullen stijgen.
De gebruikelijk loon regeling geldt voor de directeur-grootaandeelhouder (dga) die in dienst is bij zijn eigen BV en werkzaamheden voor deze BV verricht. Voor deze werkzaamheden dient de dga een zogenaamd gebruikelijk loon te ontvangen.
Het gebruikelijk loon bedraagt in 2021 minimaal € 47.000. Een dga mag zichzelf wel een lager salaris geven, maar dan moet hij aannemelijk maken dat een werknemer in de ‘meest vergelijkbare dienstbetrekking’ ook een lager loon heeft. Dit is dus een vergelijkbare werknemer in loondienst, zonder een aanmerkelijk belang. Is juist een hoger loon gebruikelijk, dan moet de dga zijn salaris minimaal op 75% van dat hogere loon stellen. Of op het loon van de meestverdienende werknemer binnen zijn bv of een verbonden bv.
Wil jouw dga salaris verhogen? Je kan dit gemakkelijk doorgeven via ons systeem. Je gaat dan naar Mutatieformulieren indienen > Wijzig salaris. Indien je hier hulp bij nodig hebt, laat het ons gerust weten!
Werkgevers mogen de vaste reiskostenvergoeding onbelast blijven uitbetalen zolang de coronamaatregelen gelden. Vooralsnog is dat tot en met 28 april. Staatssecretaris Vijlbrief van Financiën keurde het goed dat werkgevers geen gevolgen verbinden aan een veranderd reispatroon van de werknemer die veel meer thuiswerkt.
Normaliter mag de reiskostenvergoeding van 0,19 euro per kilometer voor een periode van maximaal zes weken fiscaal vriendelijk worden toegepast, ook al wordt die niet gebruikt waar die voor bedoeld is. Het kabinet riep werknemers op 12 maart op om zoveel mogelijk thuis te werken als dat kan.
Wil je een praktijk- of werkleerplaats aanbieden om mensen zo een betere voorbereiding op de arbeidsmarkt te geven? Kijk dan of je gebruik kunt maken van de subsidieregeling Praktijkleren. De subsidie draagt bij in de kosten voor de begeleiding van een leerling. De subsidie voor het studiejaar 2018-2019 kan je aanvragen van begin juni tot en met 16 september 2019 tot uiterlijk 17.00 uur.
De voorwaarden per onderwijscategorie vind je op deze pagina. De maximale subsidie is €2.700 per studiejaar, maar dat is niet gegarandeerd. Na 16 september besluit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gelijktijdig over alle ingediende aanvragen. Vervolgens wordt aan de hand van alle aanvragen per onderwijscategorie het subsidiebedrag voor een volledige gerealiseerde plaats berekend. Aan de hand daarvan volgen de individuele beschikkingen. Aanvraag indienen
Om een aanvraag in te dienen dien je als werkgever te beschikken over een certificaat met eHerkenning. Salariszaken beschikt over dit certificaat en kan deze aanvraag voor je verzorgen. De kosten bedragen € 50,- ex. btw per aanvraag. Indien je gebruik wilt maken van onze diensten, neem dan gerust contact op.
Voor eenmalige beloningen zoals het vakantiegeld, maar ook een bonus of een 13e maand, geldt een aparte belastingtabel; de tabel voor bijzondere beloningen.
Om te voorkomen dat de werknemer na het indienen van de aangifte inkomstenbelasting onverwacht inkomstenbelasting moet betalen, omdat er hoger uitgekomen wordt en er dus maandelijks teveel loonheffingskorting is ingehouden, is er een zogenaamd verrekeningspercentage. Een soort correctiefactor om de loonbelasting en de inkomstenbelasting beter op elkaar aan te laten sluiten. Het percentage wordt opgesplitst in 2 delen. Bestaande uit het ‘standaard tarief’ en het ‘verrekeningspercentage’.
Percentages
In de tabellen van 2018 zijn er percentages opgenomen om dit grotendeels te compenseren.
Zie kolom “verrekeningspercentage loonheffingskorting” in onderstaande tabel:
Met een inkomen tussen de € 20.143 en € 133.232 betaalt men meer belasting over bijzondere beloningen.
Voor de lagere inkomens is een uitzondering gemaakt. Mensen met een inkomen tussen € 6.512 en € 10.226 bruto betalen 1,76% minder.
En indien men tussen € 10.226 en € 18.937 bruto verdient, dan is het verrekeningspercentage van 28,06% van toepassing. Voor deze groep komt het percentage bijzonder tarief op 8,49% uit. Klik op de afbeelding om de tabel te openen.
Wij passen de bijzondere tarief percentages automatisch toe naar aanleiding van het fiscaal jaarloon vorig jaar.